Hindoestaanse vrouwen in opstand tegen geweldscultuur in eigen gemeenschap

Meera Nankoe neemt stelling tegen de slechte positie van onder anderen Hindoestaanse vrouwen. Dat wordt haar niet altijd in dank afgenomen.

Een historisch moment, zo voelt het voor de Hindoestaanse vrouwen. Een rechtszaak over seksueel misbruik tegen een Haagse welzijnswerker heeft het deksel van de beerput gelicht: de geweldscultuur tegen vrouwen in hun land van oorsprong, is met immigranten meegereisd naar het liberale Nederland. Steeds meer Hindoestaanse vrouwen durven nu hun stem te verheffen tegen mishandelingen en verkrachtingen binnen de eigen gemeenschap.

Na twee uur praten breekt Amisha (40). Een gezelschap Hindoestaanse vrouwen heeft zojuist geluisterd naar het relaas van Reshma (60). Reshma spreekt ogenschijnlijk onbewogen over buitensporig geweld in de familiekring, over seksueel misbruik – ze werd ooit met het mes op de keel verkracht door een Hindoestaanse jongen – en over de verstikkende doofpotcultuur waar zoveel Hindoestaanse vrouwen het slachtoffer van zijn. Ze deed er in die emotionele chaos alles aan, zegt ze, om te voorkomen dat haar zusjes en later haar kind hetzelfde zou overkomen.

Dochters

Die verhalen halen vreselijke herinneringen bij Amisha naar boven. „Mijn vader bedreigde mijn moeder: als zij geen seks met hem zou hebben, zou hij zich vergrijpen aan de dochters. Dat hij mij later verstootte, is het beste wat mij is overkomen.”

We zitten in het Haagse kantoor van Femmes for Freedom, een organisatie die zich inzet voor hulp aan vrouwen uit patriarchale gemeenschappen. Aanleiding: een Hindoestaanse welzijnswerker uit Den Haag, die in deze krant door een aantal vrouwen was beschuldigd van seksueel grensoverschrijdend gedrag, spande een rechtszaak aan tegen De Telegraaf. Die zaak verloor hij. Een ’historische gebeurtenis’, vinden de vrouwen, die werden bijgestaan door Femmes for Freedom. Ze noemen zich de Gulabi Gang Nederland, naar het voorbeeld van Indiase vrouwen die in het roze actievoeren tegen vrouwenmishandeling. Een aantal van hen was bij de zitting aanwezig. Een enkeling kwam in de rechtszaal, geëmotioneerd, aan het woord.

Sinds die publicatie treden meer Hindoestaanse vrouwen naar buiten. „Dit is een stevige eerste stap”, denkt Meera Nankoe (28), die zich inzet voor het openbreken van taboes in de Hindoestaanse gemeenschap. „Te lang hebben de daders het gevoel gehad dat ze hun gang kunnen gaan. Hopelijk gaan nu meer slachtoffers aangifte doen van seksueel misbruik.”
Ook de verhalen die Meera Nankoe vertelt komen rechtstreeks uit de beerput. „Van twee meisjes in mijn naaste omgeving weet ik dat ze door hun vader zijn verkracht.” Hindoestaanse mannen maakten zich tegenover haar eveneens schuldig aan seksueel grensoverschrijdend en agressief gedrag.

Dan zijn er de vele zelfdodingen. „Het aantal ligt onder Hindoestanen een kwart hoger dan onder autochtonen”, weet psychologe en onderzoeker dr. Anita Nanhoe (45), die onder meer een boek schreef over eergerelateerd geweld onder Hindoestanen. Het zijn niet alleen de meisjes die zichzelf doden, zoals de media het soms doen voorkomen, benadrukt Reshma. „Maak die fout niet”, zegt de strijdbare Hindoestaanse. „Het aantal zelfdodingen ligt bij de jongens net zo hoog. Ik schrik ervan dat niemand daarover wil praten.”

Zelfmoord

Schokkend: eenieder aan deze tafel kent wel een of meer gevallen van suïcide in de naaste omgeving. Anita Nanhoe, haast berustend: „Het is standaard. We hebben allemaal in onze families mensen die zelfmoord hebben gepleegd. Mijn neefje heeft zich opgeknoopt. Mijn zwager heeft zich opgeknoopt. Een nichtje van me deed een poging toen ze 9 was. Op die leeftijd begint het al.”

Anjelie (65), getrouwd met een blanke (’Nederlandse’) man en door haar gesprekspartners ’tante Anjelie’ genoemd, vertelt het verhaal van een getrouwd meisje dat zich in Den Haag verhing. „Flink bier gedronken, een brief geschreven en toen heeft ze zich thuis opgehangen. Geen idee waarom.” Reshma had een nichtje dat zich ophing. „Ik was stomverbaasd dat ze geen hulp had gezocht bij ons.”

De populaire melodrama’s uit Bollywood, waar de Hindoestaanse gemeenschap massaal naar kijkt en die niet zelden met suïcide eindigen, spelen een rol in die zelfmoordcultus, wordt beweerd. „Maar bovenal komt het doordat slachtoffers vrezen dat ze niet kunnen voldoen aan de verwachtingen van de familie”, weet Nanhoe. „Je moet succesvol zijn, carrière maken, een hoge opleiding hebben. Je moet je vrouw onder de duim hebben, kinderen produceren, in een dikke auto rijden. Werkloosheid? Dat betekent voor een man een vorm van castratie. Homoseksualiteit wordt geassocieerd met het verlies van eer. En als je vrouw vreemdgaat, dat is helemaal erg. Het draait allemaal om eer en reputatie.”

Vrouwen – ook die uit de jongere generatie – hebben zich in deze streng patriarchale, gesloten cultuur maar te schikken. Naar buiten toe moeten ze de schone schijn ophouden. „Wat er met de vrouwen gebeurt, interesseert die misbruikende mannen niets”, zegt Nanhoe. „De boodschap die vrouwen krijgen is: deal er maar mee.”

Verstoting

Weduwen, ongehuwde vrouwen, gescheiden vrouwen, vrouwen zonder kinderen staan onderaan in de hiërarchie. Vrouwen die de vuile was buiten hangen en de terreur van huiselijk geweld aan de kaak stellen, riskeren verstoting, want ’manai ka boli’ – wat zullen de mensen zeggen?

Via theater, muziek, dans en schrijven probeert Meera Nankoe met haar organisatie Stage & Stories de positie van onder anderen Hindoestaanse vrouwen aan de orde te stellen. Dat doet ze op een weloverwogen, rustige wijze. Maar dat ze stelling durft te nemen, wordt haar niet altijd in dank afgenomen. Meera krijgt vervelende telefoontjes (’Mensen die zeggen: hoe haal je het in je hoofd?’) en op sociale media wordt gevraagd of ’dit nu allemaal moet’. „Het lastige is: niet alleen mannen vormen het probleem. De vrouwen houden dit systeem van onderdrukking mede in stand. Oma’s, moeders, tantes, zussen, nichten, zo vaak bedekken ze misstanden met de mantel der liefde. Te vaak denken ze ook dat gewelddadige mannen wel zullen veranderen als hun vrouwen zich ’goed’ gedragen. Dan leggen ze de schuld toch weer bij het slachtoffer.”

In zo’n benauwende omgeving, met die intense sociale controle, waar permanent de dreiging hangt van uitsluiting en sociaal isolement, is het bijna een daad van openlijk verzet als een vrouw aangifte doet van seksueel misbruik.

Soenita (19) zette die stap. Zij was een van de meisjes die eerder hun verhaal deden in deze krant. Soenita zegt op 13-jarige leeftijd te zijn verkracht door de eerder genoemde Haagse welzijnswerker. Het Openbaar Ministerie ging over tot vervolging, maar wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs werd de man vrijgesproken.

Soenita kampt nu, jaren later, emotioneel nog altijd met de gevolgen, zegt ze. „Mijn wereld stortte in. Een paar maanden na de rechtszaak ben ik uit huis geplaatst. Ik heb toen ook een zelfmoordpoging gedaan. Er was gewoon niets meer van me over.”

Ze woont nog altijd begeleid, maar inmiddels is Soenita weer strijdbaar omdat ze haar verhaal in de openbaarheid heeft kunnen brengen zonder dat dit tot repercussies heeft geleid. En omdat ze ziet dat steeds meer Hindoestaanse vrouwen met soortgelijke verhalen naar buiten komen.

„Ik hoop dat meer meisjes aangifte gaan doen, net als ik. Al doen we het samen. Ik wil ze er wel bij helpen. Het blijft een moeilijke keuze omdat het zoveel van je vraagt, maar naarmate ik ouder word, begrijp ik steeds beter dat wat er met mij is gebeurd gewoon niet kan.”

Meera Nankoe hoopt dat er nu eindelijk een mentaliteitsverandering zal plaatsgrijpen onder Hindoestanen: „Pas als de gemeenschap de slachtoffers in bescherming neemt en de daders een halt toeroept, kan er daadwerkelijk iets veranderen.”

Amisha, Reshma, Anjelie en Soenita zijn om privacyredenen geanonimiseerd. Hun volledige namen zijn bij de redactie bekend.

 

Bron: De Telegraaf

Social media